Categorie archief: ATAX

Talibékinderen weghalen van de straat

We kregen onderstaand bericht van onze projectverantwoordelijke in Yoff:

Meer dan tweeduizend talibékinderen zijn van de straat gehaald tijdens  deze periode van pandemie die de hele mensheid bedreigt.

Tientallen jaren lang hebben “daara’s” onder leiding van mannen, die voorwendden de koran te onderwijzen, kinderen aangezet tot bedelen, soms met medeplichtigheid van hun ouders. Het begrip “daara”, in het leven geroepen door onze voorouders om goede moslims te vormen en te strijden tegen indoctrinatie van de kolonisten, wordt heden ten dage met de voeten getreden door mensen die uitsluitend denken aan winstbejag. Telkens wanneer de autoriteiten of verenigingen dreigen dit systeem stop te zetten, gaan er stemmen op om hen ervan te beschuldigen verraders te zijn in dienst van een macht die op de loer ligt in de schaduw.

De huidige omstandigheden, die het corona-virus met zich meebrengt, creëren de ultieme gelegenheid om de talibés definitief van de straat te krijgen. Sedert het begin van de noodtoestand, heeft men meer dan tweeduizend kinderen teruggebracht naar hun ouders.

In mijn hoedanigheid van verantwoordelijke voor een organisatie die sedert jaren “ten velde aanwezig is” voor het welzijn en de vorming van talibés, spoor ik de staat aan Senegal eer te bewijzen door deze praktijken stop te zetten. Kinderen zijn een gave Gods; hoe kan men respect afdwingen in de wereld, indien in ons land kinderen als koopwaar worden beschouwd. De staat is verplicht en heeft ook de macht om deze situatie te veranderen, daarvan ben ik overtuigd.

Moderniserings-en formaliseringsoplossingen worden al jaren door beide partijen voorgesteld. In het ATAX-project hebben wij altijd samengewerkt met de daara’s om de verantwoordelijken aan te sporen behoorlijk les te geven, maar vooral de jongeren op te leiden in een beroep, bij het verlaten van de daara.

Wij zijn bereid met iedereen samen te werken om aan de wereld te tonen dat wij, Senegalezen, verantwoordelijk zijn.

Mamadou Rassoul Keita  Coordinator van het ATAX project

Website: ataxsenegal(Replace this parenthesis with the @ sign)gmail.com

E mail    : ataxsenegal(Replace this parenthesis with the @ sign)gmail.com

ATAX in tijden van een pandemie

Ook in Senegal blijft het coronavirus verder uitbreiden. In het begin waren er slechts enkele geïmporteerde gevallen met hun contacten, maar nu zijn er ook meer en meer binnenlandse besmettingen. Bij de medewerkers van opvanghuis ATAX groeit de ongerustheid over het lot van de talibés (bedelkinderen) naarmate het aantal besmettingen toeneemt. Het zijn de meest ‘kwetsbaren’ die geconfronteerd worden met deze plaag.

De leefomstandigheden in heel wat daara’s (de verblijfplaatsen van de bedelkinderen) zijn zelfs in gewone omstandigheden al heel precair. Meestal ontbreekt het daar aan stromend water, elektriciteit, medicijnen, voedsel en de nodige hygiëne. Veel daara’s hebben ondertussen voedingswaren en desinfecterende middelen gekregen van de autoriteiten. De hoeveelheden zijn echter minimaal in vergelijking met het aantal kinderen dat verblijft in de daara’s. Men stelt wel vast bij de rongangen dat de solidariteit groeit tussen de talibés en de omstaanders: er worden meer maaltijden of losse voedingswaren gedoneerd.

Momenteel zijn de activiteiten in het opvanghuis ATAX opgeschort, in overeenstemming met de maatregelen die opgelegd werden door de Senegalese overheid. Noodgedwongen beperken we ons tot het sensibiliseren van de kinderen die nog langskomen en het uitdelen van zeep en javel. Onze grootste zorg is het beperken van de verplaatsingen van de kinderen. Niettegenstaande de maatregelen die opgelegd werden en alle samenscholingen verbieden, zien we toch nog veel bedelkinderen rondhangen aan de supermarkten. Begrijpelijk aangezien het voor velen de enige mogelijkheid is om wat eten bij elkaar te bedelen, maar gevaarlijk voor de verspreiding van het virus en de introductie ervan in de daara’s. Nog een probleem dat de strijd tegen het virus kan bemoeilijken, is de afwezigheid van water in bepaalde buurten van Dakar. Gelukkig heeft ATAX er in het verleden voor kunnen zorgen dat sommige daara’s werden aangesloten op het publieke waternet. Voor diegenen waarvoor dit niet het geval is (en voor al wie geconfronteerd wordt met de gebruikelijke onderbrekingen) zorgt de nood aan water opnieuw voor verplaatsingen en extra kosten.

De deuren van het opvanghuis blijven niet volledig gesloten: van tijd tot tijd passeren er toch nog enkele van onze jongeren, en steeds maken we van de gelegenheid gebruik om ze te sensibiliseren. We vragen hen om hun handen te wassen en proberen hen te steunen met enkele voedingswaren (suiker, melk, boter, …).

 

We delen ook mondmaskers uit die door de leerlingen van ons naaiatelier worden gemaakt. Ook het contact met de jongeren die opgeleid worden in het kader van het programma ‘Un talibé, un métier’ (‘Elke talibé zijn beroep’) wordt zo goed mogelijk onderhouden. Velen van hen hadden hun daara’s al verlaten en werkten op een van de vele bouwwerven in Senegal. Jammer genoeg staan nu ook veel van die werven in ‘Stand-by’, waardoor ze zonder inkomsten vallen en weer verplicht zijn om te gaan bedelen.

Onze jongeren verlangen terug naar de sfeer in het opvanghuis in pre-coronatijden.

Al bij al is de situatie in Senegal beter dan in de buurlanden, zoals Guinée Bissau, vanwaar veel talibés afkomstig zijn. Ze maken zich meer zorgen over de situatie van hun familie ginder dan over hun eigen penibele situatie. In ATAX proberen we de jongeren zoveel mogelijk te ondersteunen door hen te helpen om contact te onderhouden via onze computers. Inch’Allah, moge deze situatie vlug overgaan en hopelijk worden we verlost van dit virus.

Opbouw van een netwerk

Om de werking van onze projecten duurzaam te verankeren in de Senegalese maatschappij stimuleren we hen om samenwerkingsverbanden aan te gaan met andere organisaties. Zo brachten we tijdens onze bezoeken in Senegal ook al meerdere bezoeken aan andere projecten, samen met onze lokale medewerkers, om op die manier een lokaal netwerk uit te helpen bouwen. De afgelopen maanden nam Keita, de hoofdverantwoordelijke van het opvanghuis ATAX in Yoff, zelf enkele interessante initiatieven in dat verband.

Eerst liet hij ons weten dat hij had deelgenomen aan een vergadering van ASSOIMEC (Association d’Orientation Islamique et de Mémorisation du Coran), een vereniging van marabouts (koranleerkrachten) van meer dan 200 verschillende daara’s (koranscholen), die ijveren voor een verbetering van de manier waarop de Koran wordt onderwezen en voor de wijze waarop de leerlingen (talibés) worden behandeld. Als enige niet-marabout werd Keita verkozen als secretaris en kreeg hij de kans om de werking van ons opvanghuis ATAX uit te leggen. De wijze waarop we daar proberen om de talibés praktische dingen aan te leren voor hun verdere leven kreeg er veel bijval. Dit opent mogelijk de weg naar  samenwerking met nieuwe daara’s.

Daarna liet Keita weten dat hij in contact was gekomen met SMD (= Sénégal Moniouko Djaral, wat in het Wolof  wil zeggen ‘Senegal verdient onze inzet’). Dit is een lokale organisatie die zich bezig houdt met sociale huisvesting, opleiding en financiële ondersteuning van jongeren uit kansarme milieus. Sinds haar oprichting heeft ze al meer dan 10.000 studenten doorheen gans Senegal ondersteund. Ongeveer 3 maanden geleden hadden leden van SMD contact opgenomen met ATAX. Ze toonden veel interesse in het programma ‘Un talibé, un métier’ (of: ‘Elke talibé zijn beroep’) waarbij talibés tussen 12 en 25 jaar oud een vorming krijgen tijdens verschillende workshops om zo een beroep aan te leren. De daara’s (koranscholen) waar deze kinderen verblijven zijn immers niet opgenomen in het officiële onderwijssysteem. De meeste talibés leren er dan ook alleen maar de Koran van buiten opzeggen in het Arabisch zonder verder enige vorming (zelfs geen alfabetisering in het Arabisch waardoor ze meestal nog niet begrijpen wat ze leren). Zonder adequate vorming verlaten de jonge adolescenten dan de daara zodra ze de Koran van buiten kennen en vormen vervolgens een vogel voor de kat in de buitenwereld die ze enkel kennen van het bedelen.  Via de workshops in ATAX hebben ze dan alsnog iets om op terug te vallen om hun leven mee uit te bouwen.

Na overleg gaf de organisatie SMD aan ATAX de dossiers van 50 jongeren die wel al een zekere schoolervaring hebben maar die allemaal de school hebben verlaten omwille van hun moeilijke thuissituatie. Al deze jongeren komen van de wijk ‘Grand Yoff’, een wijk die de medewerkers van ATAX goed kennen aangezien heel veel van de talibés die de vormingen in ATAX bijwonen van een daara in die buurt afkomstig zijn. Grand Yoff is een van de moeilijkste wijken van Dakar. Het is een populair kwartier in het hart van de stad met ongeveer (geschat) 200.000 inwoners en vormt eigenlijk een afspiegeling van gans Senegal. Alle verschillende etnische groepen van het land zijn er vertegenwoordigd. Er zijn 7 grote moskeeën en 2 kerken, maar ook minstens 400 bars die (al dan niet clandestien) alcohol verkopen waarbij 1 politieman per 20.000 inwoners moet zorgen voor rust in de wijk. Het leven is er dus niet zo gemakkelijk.

Sinds half juli hebben de eerste 25 jongeren van de lijst van SMD zich aangesloten bij de vormingen in ATAX. Het team hoopt zo de contacten tussen de talibés en andere jongeren te bevorderen, en ook meer regelmaat te brengen in de aanwezigheid van de talibés (die niet zullen willen achterblijven op de andere jongeren). Alle jongeren hebben er voor gekozen om zeker de vorming ‘Multimedia’ te volgen (met aandacht voor informatica, videografie en het ontwikkelen van websites). Deze vorming zal ongeveer 8 maanden in beslag nemen waarna ze een getuigschrift krijgen en plaats maken voor de volgende jongeren op de lijst. Na het beëindigen van de vorming zullen ze beroep kunnen doen op een financiering door SMD om hun eigen project op te starten (micro-financiering). Momenteel kent de (multi)mediasector in Senegal een enorme ontwikkeling met de progressieve expansie van de filmindustrie, de grote verscheidenheid aan televisiezenders en series, de toename van reclameagentschappen en het opkomen van verschillende webplatformen zoals YouTube waar honderden jongeren er in slagen om met eigen kanalen geld te verdienen om te voorzien in hun levensonderhoud zonder enige andere ondersteuning.

De cursussen in ATAX hebben plaats van maandag tot vrijdag volgens een strikt schema waarbij iedereen wordt ingeschakeld (zie hieronder). Sinds het begin van de aangepaste vorming stelt men vast dat 95% van de jongeren ook steeds aanwezig zijn in de lessen. Samen met Afractie zal ATAX er dus naar blijven streven om jongeren te vormen. Zoals Keita al eerder opmerkte: in Senegal is er geen gebrek aan opportuniteiten en kansen maar we moeten er voor zorgen dat de jongeren gevormd worden om deze kansen te kunnen grijpen, ongeacht hun voorgeschiedenis.